
Steeds meer Nederlanders kiezen bij een wespennest niet meer automatisch voor bestrijding. In 2025 zochten ruim 2.550 mensen actief naar een diervriendelijke oplossing en kwamen daarbij uit bij de Wespenstichting. In bijna 70 procent van de gevallen kon het wespennest behouden blijven, zonder bestrijding of verplaatsing. Daarmee werden vorig jaar meer dan 1.750 wespennesten gered.
Waar voorheen vaak direct een ongediertebestrijder werd ingeschakeld, groeit het besef dat ingrijpen lang niet altijd nodig is. Bij het merendeel van de meldingen bleek dat een nest simpelweg kon blijven zitten, soms met kleine aanpassingen om overlast of risico’s te beperken. Alleen wanneer dat echt niet mogelijk was, werd gekeken naar verplaatsing van het nest.
Van bestrijden naar behouden
Volgens woordvoerder Nathan Veenstra van de Wespenstichting is er een duidelijke verschuiving zichtbaar. “Mensen zoeken steeds vaker bewust naar alternatieven voor bestrijding. We horen nog wel dat ze in zoekmachines vooral ongediertebestrijders tegenkomen, maar dat beeld verandert. Steeds meer mensen weten ons te vinden.”
Sinds 2021 zet de stichting zich in om het negatieve imago van wespen te doorbreken en natuurvriendelijke oplossingen onder de aandacht te brengen. Dat lijkt effect te hebben. Het aantal hulpvragen steeg van 840 in 2024 naar meer dan 2.550 in 2025, een verdrievoudiging.
Snelle groei door bekendheid
Die groei kent volgens Veenstra meerdere oorzaken. “Onze naamsbekendheid is sterk toegenomen, onze vernieuwde website is beter vindbaar en 2024 was een slecht wespenjaar, waardoor mensen in 2025 meer nesten aantroffen.” Ook evenementen, de jaarlijkse wespentelling en het Jaar van de Wesp in 2024 droegen bij aan meer aandacht. De toename was zo groot dat de stichting het nauwelijks aankon, totdat nieuwe vrijwilligers bijsprongen.
Vooral limonadewespen
Bijna de helft van de meldingen ging over limonadewespen, een verzamelnaam voor de gewone en Duitse wesp. Dit zijn de soorten die in de zomer vaak op terrassen afkomen. Andere veel gemelde soorten waren de Europese hoornaar, Saksische wesp en Franse veldwesp. In een vijfde van de gevallen kon de soort niet met zekerheid worden vastgesteld, vaak omdat het nest niet zichtbaar was.
Gelderland opvallend hoog
Gelderland eindigde in 2025 op de tweede plaats wat betreft het aantal hulpaanvragen. Binnen de provincie kwamen de meeste meldingen uit Nijmegen en Apeldoorn. Volgens de Wespenstichting speelt gemeentelijke doorverwijzing daarbij een belangrijke rol. Zo zorgt een duidelijke verwijzing op gemeentelijke websites ervoor dat inwoners sneller bij de stichting terechtkomen.
Verplaatsen alleen als laatste optie
Het verplaatsen van een wespennest wordt slechts bij uitzondering gedaan. Slechts 6,5 procent van de nesten werd daadwerkelijk verhuisd. “Verplaatsing levert stress op voor de wespen,” zegt voorzitter Sjoert Fleurke. “De eerste dagen na verhuizing ligt het nest vaak stil. Daarom laten we nesten het liefst zitten, als dat veilig kan.”
Ook ongediertebestrijders bewegen mee
De vraag naar gifvrije oplossingen blijft niet onopgemerkt bij ongediertebestrijders. Volgens Fleurke volgen steeds meer professionals cursussen bij de Wespenstichting en passen zij alternatieve methodes toe. De verwachting is dat bestrijding in de toekomst steeds vaker plaatsmaakt voor Integrated Pest Management (IPM), waarbij voorkomen centraal staat en gifgebruik wordt beperkt of vermeden.
De toename in aanvragen laat zien dat de houding tegenover wespen langzaam verandert. Steeds meer mensen zien dat samenleven met wespen mogelijk is, zonder direct te grijpen naar bestrijding.
